> Project Rembrandt

Wolf

Wolf (21) studeert Kunstgeschiedenis in Amsterdam. Zijn oma heeft hem de basis van het kunstschilderen geleerd en meegenomen naar verschillende cursussen. Zo werd zijn liefde voor kunst geboren en drie jaar geleden maakte hij zijn eerste schilderij. Wolf durft niet in te zetten op een leven als professioneel kunstschilder omdat hij bang is dat hij daar niet rond van kan komen. Maar hij wil wel van kunst zijn beroep maken en gaat na zijn studie Kunstgeschiedenis een master volgen in Conservatie en Restauratie. In zijn vrije tijd schildert hij veel en heeft een eigen toets ontwikkeld waar hij  trots op is. Hij wil geen standaard tekenboek na leren maken en hoopt tijdens Project Rembrandt een balans te vinden tussen zijn eigen toets en technieken van de oude meesters.

Wolf wint het programma in 2020. Hoe kijkt hij terug op zijn tijd bij Project Rembrandt?

Met een muzikant als vader en zijn artistieke oma groeit Wolf op in een creatieve omgeving. Hij is altijd een gevoelige jongen geweest, die de wereld om hem heen heel intens kan ervaren. ‘Ik speelde veel buiten en bezeerde me nogal vaak. Ik viel uit speeltoestellen en bomen. Thuis tekende ik die gebeurtenis dan, als een soort verwerking.’ Wolf heeft op jonge leeftijd dus al een sterke eigen wil en ontdekt graag alles zelf. Dus tekenles? Dat wil hij niet.

Op de middelbare school groeit de liefde voor het tekenen dankzij een strenge, maar motiverende tekendocent. ‘Hij zette me op m’n plek, daar leerde ik van.’ Hij tekent in die jaren veel en aan het einde van de middelbare school twijfelt hij over zijn vervolgstudie. Industrieel Ontwerpen is te technisch en bij de Kunstacademie in Rotterdam zijn ze niet onder de indruk van zijn gedetailleerde tekeningen. ‘Ze zeiden: hier kunnen we niks mee. Dat was best een klap.’ Het wordt uiteindelijk een tussenjaar.

In dat tussenjaar zit Wolf er best een beetje doorheen. Oma Jarti nodigt hem uit om te komen schilderen. ‘Ik vond schilderen altijd verschrikkelijk. Vies zelfs’. Maar die middag bij zijn oma vindt Wolf het, door haar adviezen, opeens toch heel leuk. ‘Het was iets kleins, maar bleek achteraf toch een belangrijk moment.’

Niet veel later, dan inmiddels op de studie Kunstgeschiedenis, hoort Wolf van één van zijn vrienden dat medestudent Sebas Groot meedoet aan Project Rembrandt. ‘Ik was best een beetje jaloers, dat had ik ook wel gewild.’ Zodra hij hoort over een tweede seizoen, twijfelt hij dan ook geen minuut. ‘Ik wilde heel graag dat avontuur aangaan met mensen die er verstand van hebben. Ik wilde gewoon coaching.'

En die coaching krijgt hij van docent Tyas, die hem veel bruikbare inzichten meegeeft. ‘Tyas heeft me op een andere manier leren kijken naar kleuren en vormen.’ Ook door de opdrachten heen maakt hij een persoonlijke ontwikkeling door. ‘Ik had eerst het gevoel dat alles wat ik maakte perfect moest zijn. Toen ik dat losliet, ging het beter.’

Toch gaat het allemaal niet echt van een leien dakje. Tijdens de opdracht met de muzikanten krijgt hij een kleine inzinking, in aflevering zes moet hij bijna vertrekken en de keer erna zit hij thuis met corona. ‘Als je zo terugkijkt was deze reis best wel een achtbaan voor me. Ik was de jury vooral dankbaar dat ze nog wat in me zagen.’

Als Wolf een meesterwerk mag gaan maken, gebruikt hij zijn eigen ervaring met de coronapandemie als inspiratiebron. ‘Ik was toen net verhuisd. Mijn lege kamer werd mijn studio. Mijn internet werkte niet, door problemen met mijn provider kon ik niet bellen: alle vormen van contact vielen weg.’ De spanning van het programma hangt daardoor in zijn kamer. Maar met de mentale steun van zijn vriendin Vera krijgt het meesterwerk stukje bij beetje meer vorm. ‘Mijn meesterwerk is een verbeelding van hoe ik me die periode voelde.’ En zo komt Wolf weer terug bij het punt waarmee zijn creativiteit ooit begon: het verwerken van de gebeurtenissen in zijn leven.

Aan het begin van de finale rekent hij er niet op dat hij zou kunnen winnen. Pas bij de laatste zin van jurylid Pieter begint het hem te dagen dat hij toch echt gewonnen heeft. ‘Ik was verlamd en kon het niet geloven. Ik had ‘winnen’ allang losgelaten. Mijn proces was juist dat ik niet voor de top hoefde te gaan om te leren.’ Inmiddels is het besef ingedaald en maakt hij plannen voor de toekomst. Hij wil het kunstenaarschap nu echt gaan combineren met zijn studie. ‘Kunst maken geeft me zoveel geluk, daar moet ik gewoon wat mee.’

Wolf meldde zich in eerste instantie zonder verwachtingen aan voor Project Rembrandt. ‘Achteraf gezien was dit de belangrijkste gebeurtenis in mijn leven. Het heeft me veranderd als mens.’ En dat betekent ook dat dat jaartje kunstacademie er toch gaat komen. Daarnaast wil hij eigen werk maken en werk in opdracht verkopen. De ultieme droom? ‘Iets nieuws toevoegen aan de traditie van figuratief schilderen.’ Een tip voor andere amateurschilders heeft hij ook. ‘Nodig jezelf uit om te falen. Doe dingen die eigenlijk te moeilijk zijn. In falen zit het leerproces.’

 

De werken van Wolf: